De gezamenlijke ankers
- 3% bbp als referentiewaarde voor het tekort
- 60% bbp als referentiewaarde voor de schuld
- Een preventieve en correctieve arm
- Gezamenlijk EU-toezicht
EU-begrotingsregels · Hervormd kader
Het hervormde pact behoudt de referentiewaarden van 3% tekort en 60% schuld. Maar ieder land volgt nu een eigen meerjarig netto-uitgavenpad—geen twee automatische slaag-of-zaktoetsen.
01 — Wat veranderde in 2024
De hervorming trad op 30 april 2024 in werking. In plaats van vooral uniforme jaardoelen staan nationale budgettair-structurele plannen voor de middellange termijn en de schuldhoudbaarheidsrisico’s per land centraal.
02 — Zo werkt de preventieve arm
Zes stappen vertalen de verdragsankers naar een nationaal plan en jaarlijkse bewaking. Netto-uitgaven zijn de centrale maatstaf omdat een regering die directer kan beïnvloeden dan schuld of bbp in één jaar.
De referentiewaarden van 3% tekort en 60% schuld blijven het gezamenlijke vertrekpunt.
Voor landen boven een referentiewaarde verstrekt de Commissie een landspecifiek referentietraject.
Elke lidstaat beschrijft een strategie voor begroting, hervormingen en investeringen van vier of vijf jaar.
Na beoordeling door de Commissie bekrachtigt de Raad een meerjarig netto-uitgavenpad.
Voortgangsrapporten en een controlerekening volgen afwijkingen van het afgesproken pad.
Aanzienlijke afwijkingen of buitensporige tekorten kunnen de correctieve arm en een BTP activeren.
Wat ‘netto-uitgaven’ hier betekenen
Nationaal gefinancierde netto primaire uitgaven na vastgelegde correcties.De EU-indicator corrigeert onder meer voor rente, discretionaire inkomstenmaatregelen, conjuncturele werkloosheidsuitgaven, eenmalige maatregelen en uitgaven gedekt door EU-inkomsten. Het is niet hetzelfde als de totale overheidsuitgaven.
03 — De getallen om te onthouden
Deze waarden beschrijven het kader. Of schuld houdbaar is, hangt daarnaast af van groei, rentelasten, looptijden, begrotingskeuzes en het schuldpad.
De referentiewaarde voor het overheidstekort als aandeel van het jaarlijkse bbp.
De referentiewaarde voor de bruto overheidsschuld als aandeel van het bbp.
De standaardduur van een nationaal budgettair-structureel plan.
Mogelijk wanneer een land zich vastlegt op passende hervormingen en investeringen.
De schuldquote is een referentiepunt. De regels beoordelen ook of de schuld geloofwaardig daalt of prudent blijft en of het afgesproken netto-uitgavenpad wordt gevolgd.
Vergelijk alle EU-schuldquotes04 — Waar de EU staat
De jaarlijkse Eurostat-publicatie over 2025 is de relevante dataset voor toezicht onder het pact. Deze staat los van de nieuwere kwartaalwaarnemingen op EU Debt Map.
van het bbp voor het EU-totaal
van het bbp voor het EU-totaal
lidstaten rapporteerden een tekort op of boven de referentie
lidstaten rapporteerden schuld boven de referentie
Correctieve arm
De Raad kan een buitensporigtekortprocedure (BTP) openen, een correctiepad aanbevelen en een termijn vaststellen. Een hoge schuldquote alleen vormt niet de volledige beoordeling.
Overzicht van de Europese CommissieActuele flexibiliteit
In juni 2026 hadden 18 lidstaten de nationale ontsnappingsclausule voor defensie geactiveerd. Deze geldt voor 2025–2028 en staat voor de bedoelde defensiestijging jaarlijks maximaal 1,5% bbp extra toe—geen onbeperkte opschorting.
Overzicht defensieclausule van de Raad05 — Korte antwoorden
Ja. Het blijven EU-verdragsreferentiewaarden. De hervorming van 2024 veranderde hoe aanpassingspaden worden ontworpen en bewaakt, niet de ankers zelf.
Nee. Landen dienen eigen middellangetermijnplannen in. Bij overschrijding van een referentiewaarde geeft de Commissie een landspecifiek referentietraject.
Nee. Juridisch toezicht gebruikt officiële overheidsfinanciële statistieken en vaste rapportagecycli. De live tellers zijn duidelijk gemarkeerde modelschattingen.
Daarin registreert de Commissie de cumulatieve opwaartse en neerwaartse afwijkingen van de werkelijke netto-uitgaven ten opzichte van het door de Raad bekrachtigde pad.
06 — Primaire bronnen
Alle centrale beweringen zijn herleidbaar tot officiële EU- of Eurostat-bronnen.
Inhoud gecontroleerd op 30 augustus 2026. Jaarcijfers voor het pact en kwartaaldata op de schuldkaart hebben verschillende verslagperioden en zijn afzonderlijk gelabeld.